Delen

Invoeren fietszone binnen de vesten

Lier staat al enkele jaren voor grote uitdagingen op vlak van mobiliteit, bereikbaarheid en leefbaarheid. In het hart van de stad moeten zwakkere weggebruikers meer kansen krijgen om zich vlot en veilig te bewegen. Het stadsbestuur trekt daarom de kaart van de fiets. Als eerste stap werd in 2017 het Fietsbeleidsplan opgemaakt om ervoor te zorgen dat fietsers zich veilig en comfortabel kunnen verplaatsen binnen de stad, maar eveneens van en naar de stad en Koningshooikt.

Eén van de actiepunten in het Fietsbeleidsplan voor Lier is het voorzien van fietsstraten. In de mobiliteitsraad van februari 2018 leverde een uitgebreide screening een aanbeveling op voor mogelijke fietsstraten. Op basis van dat advies keurde het schepencollege het concept van fietsstraten principieel goed. Daarop werden de Kanunnik Davidlaan en Begijnhofstraat als eerste fietsstraten ingevoerd in 2018. 

Het college gaat nu een stap verder. Eind juni 2020 keurde het de invoering van een fietszone binnen de vesten principieel goed. Dit betekent dat in de hele binnenstad gemotoriseerd verkeer fietsers niet mag inhalen en de snelheid van alle verkeer (dus ook van de fietsers zelf) beperkt is tot 30 km/uur. Fietsers mogen de volledige rijstrook gebruiken, in enkelrichtingsstraten zelfs de volledige breedte. In principe worden op die manier alle straten binnen de vesten fietsstraat tenzij de configuratie van de straat zich er echt niet toe leent zoals de Netelaan of Leuvensevest bijvoorbeeld. Woonerven blijven woonerven met bijhorende regelgeving. Voetgangerszones blijven ook voetgangerszones. In de fietszone blijft iedereen bereikbaar en alle vervoersmodi blijven toegestaan.

De invoering van een fietszone beoogt een hogere verkeersveiligheid voor alle weggebruikers, zeker ook voor beginnende fietsers.  Een fietszone heeft bijvoorbeeld een snelheidsverlagend effect, vergroot de zichtbaarheid op fietsers en zorgt ervoor dat fietsers niet meer rakelings ingehaald worden. De toegenomen verkeersveiligheid zal jongeren en kinderen stimuleren om met de fiets naar school te komen. Zo leren kinderen van jongs af dat de fiets een geschikt en veilig vervoermiddel kan zijn. Door zich veilig te mengen in het verkeer, leren ze sneller om zelfstandig deel te nemen aan het verkeer. De fietszone betekent bovendien een stimulans voor de lokale economie, vrije tijd en toerisme. Een fietszone verandert niets aan de bereikbaarheid: De stad blijft toegankelijk voor alle vervoersmiddelen. Maar de toegenomen verkeersveiligheid ten gevolge van een fietszone moedigt mensen aan om met de fiets naar bijvoorbeeld horeca, evenementen of voorstellingen te gaan. Een fiets is ook het vervoermiddel bij uitstek om lokaal te komen winkelen en zorgt voor een grotere belevingswaarde van de straat. Er ontstaat meer passage van mensen langs de uitstalramen en het is een trage passage.

Bijkomende voordelen zijn dat fietsers meer ruimte krijgen en bijvoorbeeld niet rakelings langs geparkeerde wagens hoeven te rijden. Voetgangers zullen op sommige plaatsen ook meer ruimte krijgen zoals op de bruggen naar de binnenstad en op de vesten. Nu zijn de vesten op sommige momenten verzadigd door het vele fietsverkeer waardoor de voetgangers in de verdrukking komen. Meer fietsers in de fietszone in de binnenstad, betekent minder fietsers op de vesten. 

Het schepencollege opteert ervoor om de hele binnenstad behalve de Netelaan en de Leuvensevest als fietszone in te voeren omdat dit duidelijker overkomt bij weggebruikers dan een selectie aan fietsstraten. Die duidelijkheid zal de naleving en handhaving ervan eenvoudiger maken. Alle wegenis binnen de vesten is ook een logische afbakening vermits de bruggen als het ware een poort vormen tot de fietszone. 

In steden die een fietszone invoerden ziet men effectief meer fietsers en een verlaging van de snelheid van gemotoriseerd verkeer in heel de zone.

Voor de concrete invoering gaat de stad nog te rade bij de verschillende stakeholders. Daartoe betrekken we o.a. de Lierse adviesraden.

Uitgelicht