Delen

Stookolietanks

Of je een milieuvergunning nodig hebt voor je stookolietank, is afhankelijk van de inhoud van de tank en het gebruik ervan (particulier of professioneel).

Meldingsplicht

Stookolietanks groter dan 5.000 liter en kleiner dan 20.000 liter voor de verwarming van particuliere gebouwen moet je melden bij het stadsbestuur als klasse drie. Heeft je stookolietank een inhoud van minder dan 5.000 liter, dan dien je hiervoor geen verdere stappen te ondernemen. De tank moet dan niet gemeld worden aan het stadsbestuur.

Stookolietanks met een inhoud van 100 tot en met 20.000 liter die gebruikt worden voor de verwarming van gebouwen voor professionele doeleinden moeten eveneens gemeld worden bij het stadsbestuur als klasse drie.

Vergunningsplicht

Je vraagt een vergunning aan bij het stadsbestuur voor stookolietanks van 20.000 tot en met 500.000 liter (klasse 2).

Voor stookolietanks met een totale inhoud van meer dan 500.000 liter moet je een vergunningsaanvraag indienen bij de provincie (klasse 1).

Controle stookolietanks

Als je je huis met stookolie verwarmt, moet je een aantal milieurichtlijnen naleven. Laat je tank, zowel een boven- als ondergrondse, regelmatig controleren door een erkende technicus.

Alle stookoliereservoirs in Vlaanderen zijn onderworpen aan een regelmatige controle.

De Vlarem-wetgeving onderscheidt twee categorieën:

  • reservoirs kleiner dan 5.000 liter voor particulier gebruik
  • reservoirs van 5.000 tot en met 20.000 liter voor particulier gebruik en reservoirs van 100 tot 20.000 liter voor professioneel gebruik (klasse 3)

Voor controle en onderhoud van stookolietanks, neem je contact op met een erkende technicus. Een lijst van erkende technici vind je hier.

Reservoirs kleiner dan 5.000 liter voor particulier gebruik

  • Bovengrondse reservoirs: Alle reservoirs moeten voorzien zijn van een overvulbeveiligingssysteem. Een bovengronds reservoir moet om de 5 jaar onderworpen worden aan een beperkt onderzoek.
  • Ondergrondse reservoirs: Alle reservoirs moeten voorzien zijn van een overvulbeveiligingssysteem. Een ondergronds metalen of prefab-betonnen reservoir dient om de 3 jaar een beperkte controle te ondergaan. Voor reservoirs uit thermohardende kunststof is dit om de 4 jaar.

Reservoirs vanaf 5.000 liter tot en met 20.000 liter voor particulier gebruik en reservoirs van 100 liter tot 20.000 liter voor professioneel gebruik (klasse 3)

  • Bovengrondse reservoirs: Alle reservoirs moeten uitgerust zijn met een overvulbeveiligingssysteem en geplaatst worden in een inkuiping.  Dubbelwandige reservoirs uitgerust met een permanent lekdetectiesysteem zijn vrijgesteld van inkuiping. Bovengrondse reservoirs dienen om de 3 jaar aan een beperkt onderzoek onderworpen te worden.
  • Ondergrondse reservoirs: Alle reservoirs dienen uitgerust te zijn met een overvulbeveiligingssysteem.

Ondergrondse reservoirs en beschermingszone

LET OP! Voor ondergrondse reservoirs wordt een onderscheid gemaakt tussen reservoirs gelegen binnen een beschermingszone en reservoirs gelegen buiten een beschermingszone.

Buiten een beschermingszone moeten alle reservoirs vanaf 10.000 liter voorzien zijn van een permanent lekdetectiesysteem.

Binnen een beschermingszone geldt dit voor alle reservoirs vanaf 5.000 liter. Ondergrondse metalen reservoirs vanaf 10.000 liter moeten, naargelang het resultaat van het corrosiviteitsonderzoek, voorzien worden van een kathodische bescherming.

Buiten een beschermingszone:
Metalen reservoirs dienen om de 2 jaar een beperkt onderzoek en om de 15 jaar een algemeen onderzoek te ondergaan. Reservoirs in thermohardende kunststof dienen enkel om de 2 jaar een beperkt onderzoek te ondergaan. Opmerking: reservoirs kleiner dan 10.000 liter zonder permanent lekdetectiesysteem moeten om de 2 jaar, naast een beperkt onderzoek, ook een dichtheidstest ondergaan.

Binnen een beschermingszone:
?Metalen reservoirs dienen jaarlijks een beperkt onderzoek en om de 10 jaar een algemeen onderzoek te ondergaan. Reservoirs in thermohardende kunststof dienen enkel jaarlijks een beperkt onderzoek te ondergaan. Reservoirs kleiner dan 5.000 liter zonder permanent lekdetectiesysteem moeten jaarlijks, naast het beperkt onderzoek eveneens aan een dichtheidstest onderworpen worden.

Wat als je de tank niet meer gebruikt?

Laat deze dan eerst leegmaken en dan verwijderen. Als dit laatste onmogelijk is laat dan de lege tank opvullen met bijvoorbeeld zand of schuim. Doe dit onder toezicht van een deskundige die erover waakt dat alles volgens de regels van het Afvalstoffen- en het Bodemsaneringsdecreet wordt uitgevoerd.

Uitgelicht

Leefmilieu

Stadskantoor
Dungelhoeffsite
Paradeplein 2 bus 1
2500 Lier
tel. 03 8000 384

lees verder

Website Informazout